Afvallen en dat gewicht ook echt volhouden blijkt veel meer dan een test van discipline. Volgens onderzoekers Valdemar Brimnes Ingemann Johansen en Christoffer Clemmensen, die hun bevindingen toelichten in The Conversation, is het menselijk brein er in de loop van de evolutie op ingesteld geraakt om lichaamsvet te beschermen. Het gevolg: wie is afgevallen, krijgt te maken met sterkere honger, meer trek en een lager energieverbruik. Het lichaam reageert op gewichtsverlies alsof de overleving in gevaar is, en dat verklaart waarom veel mensen na een dieet weer aankomen.
- Het brein verdedigt een eerder hoger gewicht en behandelt dat als de nieuwe norm.
- Na gewichtsverlies stijgen hongerhormonen en trek, terwijl het energieverbruik daalt.
- Medicijnen als Wegovy en Mounjaro remmen de eetlust, maar hun effect kan wegvallen als de behandeling stopt.
De kern van het verhaal ligt honderdduizenden jaren terug. Voor onze vroege voorouders was lichaamsvet een levenslijn: te weinig betekende honger, te veel maakte je traag. Het lichaam werd daardoor bijzonder goed in het bewaken van zijn energiereserves, met complexe biologische verdedigingsmechanismen die in het brein verankerd zitten. In een wereld waarin voedsel schaars en onvoorspelbaar was, was dat een groot voordeel.
Het probleem is dat diezelfde overlevingssystemen vandaag averechts werken, in een omgeving vol goedkoop, calorierijk voedsel en met bewegen als optie in plaats van noodzaak.
Het brein onthoudt een eerder gewicht als de nieuwe norm
Uit het recente onderzoek van de auteurs blijkt dat het brein krachtige mechanismen heeft om het lichaamsgewicht te verdedigen en zich als het ware kan “herinneren” wat dat gewicht ooit was. Bij onze voorouders betekende dat: raakten ze gewicht kwijt in magere tijden, dan kon het lichaam in betere tijden weer terugkeren naar het gebruikelijke niveau.
Voor de moderne mens pakt dat anders uit. Zodra het lichaam zwaarder is geweest, gaat het brein dat hogere gewicht behandelen als het nieuwe normaal, een niveau dat het gedreven verdedigt. Dat het lichaam een eerder, hoger gewicht op die manier kan “onthouden”, helpt verklaren waarom zoveel mensen na een dieet opnieuw aankomen. Volgens de onderzoekers is dat terugkomen van kilo’s dus geen gebrek aan discipline, maar biologie die precies doet waarvoor ze evolueerde: zich verzetten tegen gewichtsverlies.
Waarom dit voor miljoenen mensen relevant is
Deze inzichten verschuiven de manier waarop naar overgewicht wordt gekeken. Als het brein en niet de wilskracht de sleutel is, dan is obesitas geen persoonlijk falen maar een biologische aandoening, gevormd door onze hersenen, onze genen en de omgeving waarin we leven. Voor iedereen die worstelt met afvallen en het volhouden betekent dat: je staat er niet alleen voor, en het is niet je schuld.
Hier komen ook de veelbesproken afslankmedicijnen in beeld. Wegovy en Mounjaro bootsen darmhormonen na die het brein vertellen de eetlust af te remmen. Toch reageert niet iedereen er goed op: sommigen krijgen bijwerkingen die het lastig maken om vol te houden, bij anderen leidt het middel nauwelijks tot gewichtsverlies. En vaak geldt: stopt de behandeling, dan neemt de biologie het weer over en keren de verloren kilo’s terug.
Wat de wetenschap in de toekomst kan betekenen
Vooruitgang in onderzoek naar obesitas en stofwisseling zou volgens de auteurs kunnen leiden tot toekomstige therapieën die de signalen die het lichaam terugdrijven naar zijn oude gewicht ook na de behandeling kunnen dempen. Tegelijk laat onderzoek zien dat een goede gezondheid niet hetzelfde is als “een goed gewicht”: beweging, goede slaap, evenwichtige voeding en mentaal welzijn verbeteren de hart- en stofwisselingsgezondheid, zelfs als de weegschaal amper beweegt.
De onderzoekers benadrukken dat obesitas niet alleen een individueel probleem is. Preventieve maatregelen kunnen volgens hen het verschil maken: investeren in gezondere schoolmaaltijden, minder junkfoodreclame richting kinderen, wijken ontwerpen waar wandelen en fietsen voorrang krijgen op de auto, en gestandaardiseerde portiegroottes in restaurants. Ook de vroege levensfasen, van zwangerschap tot ongeveer het zevende jaar, krijgen aandacht, omdat het gewichtsregulatiesysteem van een kind dan bijzonder kneedbaar is.
Wie zelf wil afvallen, doet er volgens de auteurs goed aan minder te focussen op crashdiëten en meer op houdbare gewoontes: voldoende slaap helpt de eetlust te reguleren, en regelmatige beweging — zelfs wandelen — verbetert de bloedsuikerspiegel en de hartgezondheid.
Herken je de strijd om verloren kilo’s eraf te houden, of zie je afvallen toch vooral als een kwestie van doorzetten? Deel je ervaring en je kijk hieronder.





























